“Op een gegeven moment besloot ik tot Jezus Christus te bidden. Ik kan niet precies uitleggen wat er toen gebeurde, maar ik voelde mij verbonden met iemand die naar mij luisterde. Voor het eerst in lange tijd had ik het gevoel dat ik niet alleen was. Het was een ingrijpend moment in mijn leven. Ik had nooit eerder zo’n sterke overtuiging ervaren als toen. Wat daarna veranderde, maakte diepe indruk op mij”
Ayaan Hirsi Ali is een Somalisch-Nederlandse schrijfster, activiste en voormalig politica voor de VVD in de Tweede Kamer. In onderstaand verhaal en video vertelt ze hoe ze in Jezus is gaan geloven.
Ik werd in 1969 geboren in Mogadishu, de hoofdstad van Somalië. Het was een onrustige tijd, waarin politieke spanningen en conflicten het dagelijks leven bepaalden. Mijn vader was actief in de politiek en werd gevangengezet door de dictator Mohamed Siad Barre. Mijn moeder was analfabeet en probeerde voor het gezin te zorgen.
Ik groeide op in een samenleving waarin de clan waartoe je behoorde een belangrijke rol speelde. Je clan bepaalde voor een groot deel je identiteit en je plaats in de gemeenschap.
Als kind ging ik in Kenia naar school. Daar kreeg ik islamitisch godsdienstonderwijs. Een lerares leerde ons dat vrijwel ieder deel van het vrouwelijk lichaam mannen zou kunnen verleiden. Daarom moesten we ons lichaam bedekken. Zelfs onze stem kon volgens haar een bron van verleiding zijn. Lachen, zingen en luid spreken werden gezien als ongepast.
Mij werd voorgehouden dat je niet alleen in naam moslim moest zijn, maar je ook volledig moest onderwerpen aan de religieuze voorschriften.
Een huwelijk dat ik niet wilde
Toen ik begin twintig was, kwam mijn vader terug in mijn leven. In de Somalische gemeenschap werd het als een probleem beschouwd dat een vrouw van mijn leeftijd nog niet getrouwd was.
Toen een Somalische man uit Canada, die familie van ons was, in Kenia op bezoek kwam, besloot mijn vader dat ik met hem moest trouwen. Hij zag deze man als een goede moslim, iemand die voor mij kon zorgen en die vanwege onze familiebanden te vertrouwen zou zijn.
Maar ik wilde dit huwelijk niet.
Toen ik mijn vader vertelde dat ik niet met deze man wilde trouwen, hield hij vol dat het Gods wil was. Daar viel volgens hem niet over te discussiëren. Ik moest gehoorzamen.
Ik dacht aan het leven van mijn moeder. Ik wilde niet hetzelfde leven leiden als zij. Ik wilde niet dat mijn toekomst volledig door anderen werd bepaald.
Daarom nam ik een ingrijpend besluit. Op 22-jarige leeftijd vluchtte ik naar Nederland en vroeg ik asiel aan.
Ik wist niet precies hoe mijn toekomst eruit zou zien, maar ik zag het als een kans om vrij te worden en zelf keuzes te maken. Ik verbleef in een asielzoekerscentrum en probeerde ondertussen uit handen te blijven van mensen die mij via de Somalische gemeenschap zochten.
Ik schreef mijn vader een brief waarin ik uitlegde waarom ik was weggegaan. Ik bood mijn excuses aan en vroeg hem mij te vergeven. Ik wist dat ik de verwachtingen van mijn familie en mijn clan had doorbroken.
Zijn reactie was hard. Hij schreef met rode pen op mijn brief, schold mij uit en verstootte mij.
Het was pijnlijk, maar ik had mijn keuze gemaakt. Ik wilde mijn leven niet langer laten bepalen door de druk van mijn familie en de tradities waarin ik was opgegroeid.
Mijn breuk met de islam
In 2002 kwam ik tot de conclusie dat ik geen moslim meer was. Mijn besluit veroorzaakte grote spanningen met mijn familie, mijn clan en andere moslims.
Ik maakte mijn overtuigingen publiekelijk bekend en uitte kritiek op de behandeling van vrouwen binnen islamitische gemeenschappen. Ik sprak over onderwerpen als vrouwenbesnijdenis, eerwraak, gedwongen huwelijken en meisjes die van school werden gehaald.
Mijn uitspraken leidden tot ernstige bedreigingen. Mensen uit de gemeenschap lieten mijn vader weten dat hij iets aan mijn gedrag moest doen. Anders zouden zij zelf ingrijpen. De boodschap was duidelijk: mijn leven liep gevaar.
Toch bleef ik spreken over de dingen die ik als onrecht beschouwde. Ik wilde dat vrouwen die onder onderdrukking leefden, gehoord zouden worden.
De moord op Theo van Gogh
In 2004 werkte ik samen met de Nederlandse filmmaker Theo van Gogh aan de film Submission. De film ging over de positie van vrouwen binnen de islam en over het lijden dat zij kunnen ervaren door religieuze en culturele onderdrukking.
We wilden de aandacht vestigen op vrouwen die te maken kregen met geweld, dwang en misbruik.
Op 2 november 2004 werd Theo van Gogh op straat vermoord. Zijn dood maakte diepe indruk op mij. De moord liet mij beseffen hoe ernstig de gevolgen konden zijn van de strijd waarin ik terecht was gekomen.
Ook mijn eigen leven werd steeds meer bedreigd. Ik hoorde regelmatig dat er plannen waren om mij te vermoorden. Ik was bang en voelde mij voortdurend onder druk staan.
Van binnen was ik uitgeput. Mijn gedachten bleven maar doorgaan. Ik kon nauwelijks rust vinden en wist niet hoe ik met mijn angst moest omgaan.
Angst, alcohol en innerlijke leegte
Om mijn gedachten tot rust te brengen, begon ik steeds meer alcohol te drinken. In het begin leek een glas wijn voldoende om te ontspannen. Maar na verloop van tijd had ik steeds meer nodig om hetzelfde effect te bereiken.
Ik merkte dat ik afhankelijk werd van alcohol. Uiteindelijk besloot ik hulp te zoeken en ging ik naar een afkickcentrum.
Daar sprak ik met een therapeut die mij op een bijzondere manier benaderde. Ze suggereerde dat mijn problemen niet alleen met mijn omstandigheden te maken hadden, maar ook met een diepe geestelijke leegte.
Ze zei dat ik op een gegeven moment moest nadenken over wat ik met die leegte wilde doen.
De therapeut vroeg mij na te denken over de vraag welke eigenschappen God zou hebben als Hij bestond. Wat zou voor mij belangrijk zijn? Welke eigenschappen zou ik verwachten van een God die werkelijk goed is?
Ik had mij inmiddels openlijk atheïst genoemd. Ik had zelfs voor groepen mensen gesproken over wat ik als de negatieve kanten van religie beschouwde. Teruggaan naar de islam was voor mij geen optie.
Toch besloot ik haar voorstel serieus te nemen. Ik begon na te denken over Gods eigenschappen. Wat zou een goede God zijn? Hoe zou Hij met mensen omgaan? Wat zou Hij van ons vragen?
Tijdens dat proces gebeurde er iets onverwachts. Ik ontdekte dat de eigenschappen waarover ik nadacht, mij sterk deden denken aan Jezus Christus en Zijn onderwijs.
De woorden en de houding van Jezus spraken mij aan. Ik werd geraakt door Zijn boodschap en door de manier waarop Hij mensen benaderde.
Mijn ontmoeting met Jezus Christus
Op een gegeven moment besloot ik tot Jezus Christus te bidden. Ik kan niet precies uitleggen wat er toen gebeurde, maar ik voelde mij verbonden met iemand die naar mij luisterde. Voor het eerst in lange tijd had ik het gevoel dat ik niet alleen was.
Het was een ingrijpend moment in mijn leven. Ik had nooit eerder zo’n sterke overtuiging ervaren als toen.
Wat daarna veranderde, maakte diepe indruk op mij. Ik raakte de behoefte kwijt om alcohol te drinken. Ook de negatieve gedachten die mij voortdurend hadden achtervolgd, verdwenen. Ik voelde mij opnieuw verbonden met mijn man, mijn kinderen en mijn vrienden. Mijn leven kreeg weer richting en ik kon mij beter concentreren op mijn werk. Ik ervoer het als een wonder.
Ik kan niet alles verklaren wat er in mij veranderde, maar voor mij was deze ervaring werkelijk. Ik had jarenlang gezocht naar vrijheid. Ik wilde niet langer leven onder de druk van angst, verwachtingen en de behoefte om mijn innerlijke onrust te verdoven.
In Jezus Christus ontdekte ik iets wat ik al die tijd had gezocht: vrijheid en liefde.
Vrijheid die verder gaat dan zelfbeschikking
Mijn leven heeft mij geleerd dat vrijheid meer is dan zelf kunnen bepalen wat je doet. Je kunt uiterlijk vrij zijn en toch vanbinnen gevangen zitten door angst, boosheid, verslaving of andere verlangens die je leven beheersen.
In mijn relatie met God ontdekte ik een andere manier van leven. Het gaat niet alleen om het gehoorzamen aan geboden, maar ook om het leren kennen van Gods liefde en het je daaraan toevertrouwen.
Jezus Christus liet mij zien dat overgave aan God niet hetzelfde hoeft te zijn als leven in angst. Ik begon te begrijpen dat Gods liefde juist kan bevrijden van datgene wat je vanbinnen gevangenhoudt.
Ik had jarenlang verlangd naar liefde en vrijheid. In Jezus Christus vond ik een antwoord dat ik niet had verwacht.
Dat betekent niet dat ik mijn verleden kan uitwissen of dat alle moeilijke omstandigheden zomaar verdwijnen. Maar mijn kijk op het leven veranderde. Ik vond nieuwe hoop en een nieuwe basis om verder te gaan.
Een boodschap voor de wereld
Als ik terugkijk op mijn leven, zie ik hoe sterk mensen kunnen worden beïnvloed door hun familie, hun gemeenschap en de overtuigingen waarmee ze zijn opgegroeid. Zulke verbanden kunnen mensen houvast geven, maar ze kunnen ook leiden tot onderdrukking wanneer de groep belangrijker wordt dan de vrijheid en waardigheid van het individu.
Ik maak mij zorgen wanneer mensen hun geweten en hun verantwoordelijkheid volledig uit handen geven aan een ideologie of een groep. Dat kan gebeuren binnen religieuze bewegingen, maar ook binnen politieke stromingen en andere gemeenschappen.
Ik geloof dat de Bijbelse fundamenten van onze samenleving van groot belang zijn. Wanneer een samenleving die fundamenten uit het oog verliest, kan zij haar morele richting kwijtraken.
Mijn eigen levensweg heeft mij geleerd hoe kostbaar vrijheid is, maar ook hoe belangrijk liefde is. Vrijheid zonder liefde kan leeg blijven. En liefde die niet samengaat met respect voor de menselijke waardigheid kan veranderen in dwang.
Voor mij zijn Jezus Christus en Zijn onderwijs daarom steeds belangrijker geworden.
Ik heb mijn leven lang gezocht naar vrijheid en liefde. Ik heb angst gekend, ben bedreigd en heb geprobeerd mijn innerlijke onrust met alcohol te verdoven. Maar uiteindelijk kwam ik op een plaats waar ik opnieuw kon beginnen.
In Jezus Christus vond ik iets wat ik zelf niet kon voortbrengen: een diepe verbondenheid, nieuwe hoop en de overtuiging dat mijn leven een andere richting kon krijgen.
Ik kan mijn ervaring niet voor iedereen verklaren. Ik kan alleen vertellen wat er in mijn eigen leven is gebeurd en waarom Jezus Christus daarin zo’n belangrijke plaats heeft gekregen.




















