de hemel

0
491

Dit laatste hoofdstuk zal tamelijk kort worden. Daarentegen gaat het over iets dat geen einde zal hebben. We hebben een paar keer de uitdrukking ‘in de hemel komen’ gebruikt. In het normale spraakgebruik wordt dat waarschijnlijk opgevat als het hoofddoel van het christelijke leven.

Nu zal degene die het nieuwe testament leest ontdekken dat die uitdrukking daar niet voorkomt. Er wordt nergens gezegd dat wij in de hemel zullen komen. Daarentegen wordt er gezegd dat wij naar de Here Jezus toe gaan.

De hemel – ik heb zo het idee dat de meesten van ons daar vrij vage voorstellingen van hebben, als we ons er al iets bij voorstellen. Maar het kan feitelijk een voordeel zijn als je in dit opzicht een vrijwel onbeschreven blad bent. Veel mensen dromen over een hemel waarin al hun wensdromen in vervulling gaan. Dan kan het moeilijk worden, het ware beeld van de hemel dat de bijbel ons geeft, te introduceren.

Laten we het beeld dat de Bijbel geeft eens bekijken. Het eerste wat we merken is dat de hemel niet gedefinieerd wordt als een bepaalde plaats binnen het zichtbare universum. De telescopen en andere instrumenten van de astronomen hebben het universum voor ons oneindig veel groter gemaakt dan het was voor de bijbelse auteurs, maar de sterrekijkers hebben ons niet dichter bij de hemel gebracht. Die zullen we nooit ‘in de kijker’ krijgen.

In de bijbel wordt de hemel gedefinieerd als de ‘plaats’ waar God zetelt in al Zijn heerlijkheid. Op aarde is Hij er niet op die manier. Hier verbergt Hij zich achter vele raadsels, achter al het lijden dat er in de wereld is, achter de vele tegenstrijdigheden in ons bestaan.

Of hij zich op enige andere plaats in het universum in al Zijn heerlijkheid openbaart weten we niet. We weten dat Hij het niet doet op aarde, en daarom is de aarde geen hemel. Maar eens zal God aan het einde van de geschiedenis, het universum herscheppen.

‘ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan’ (Openbaring 21:1). Het is de profeet Johannes die ons dit vertelt in het laatste Bijbelboek.

God zal echter niet alleen het universum herscheppen. Hij zal ook de doden opwekken. Nu begint het ons te duizelen, zoveel vragen als er nu rijzen. We kunnen ons dit gewoonweg niet voorstellen. Onze beelden en voorstellingen zijn afkomstig uit de ons bekende werkelijkheid – maar hier staan we oog in oog met het volslagen onbekende, het volslagen nieuwe. Daarom kunnen we ons er geen beeld van vormen, en daarom is het ook zo moeilijk te geloven.

Maar nu doet het nieuwe testament iets heel onverwachts. Het vraagt ons, om nog een keer naar de Here Jezus te kijken. Een keer in onze geschiedenis heeft datgene plaatsgevonden wat gebeuren zal aan het einde van de geschiedenis: er is er Een, die de opstanding niet voor Zich heeft, maar achter Zich. Jezus werd niet alleen ten grave gedragen, zoals alle anderen – Hij stond ook weer op uit het graf. Hij stond in levende lijve op, Hij at en dronk terwijl Zijn discipelen toekeken.

Ook jij kunt hem ontmoeten als de levende en zeggen: Hij is waarlijk opgestaan. Vandaag zit Hij aan de rechterhand Gods, dat houdt in dat Hij Gods mede-regent is aan wie alle macht in de hemel en op aarde is gegeven.

Zelf zegt Hij: ‘Ik leef en gij zult leven’ (Johannes 14:9).

De kracht die Jezus uit de doden opwekte zal eens ook jou uit het graf doen opstaan.

Een happy-end dus? Ja, zo zou je het misschien kunnen noemen, al is ‘happy’ nu niet precies het juiste woord. In de bijbel heet het ‘zalig’, maar dat woord is eigenlijk niet goed vertaalbaar. Het heeft iets met vreugde te maken, een onmetelijke vreugde, waar we wel een vermoeden van kunnen hebben, maar die we niet kunnen beschrijven en al helemaal niet kunnen definiëren.

Maar dit beeld vertoont een schrille dissonant, die we niet moeten verbergen. Bij de opstanding zullen sommige mensen niet gekleed zijn in de gerechtigheid van God. Ze hadden gedacht dat ze het wel zouden redden met hun eigen gerechtigheid – als ze überhaupt al aan de opstanding en het oordeel dachten. Ze vielen ten offer aan de grote misvatting dat ze Christus en Zijn gerechtigheid niet nodig hadden. Toen aan hen het aanbod werd gedaan van de vergeving van zonden en de gemeenschap met de Zoon van God, antwoordden ze: ‘Helaas, dat komt me op het ogenblik niet zo goed uit, ik ben druk bezig met andere, belangrijker zaken – later misschien’. En dat is het enige – ja, werkelijk het enige – wat een mens buiten de zaligheid kan plaatsen, buiten de hemel. In de bijbel wordt dat beschreven als iets onbegrijpelijks: dat iemand vrijwillig afziet van wat wij het grote geschenk hebben genoemd.

Beste lezer, het geschenk ligt voor het grijpen. Het wordt geschonken, je hoeft het niet te verdienen. Het wordt aan onwaardigen gegeven. Als je je onwaardig voelt, dan is het voor jou. De vergeving van zonden is voor jou. Het nieuwe leven is voor jou – en het eeuwige leven. God heeft op jouw ‘ja’ gewacht. Zou je het nu maar niet uitspreken? Je kunt teruggaan naar hoe kom ik tot geloof en door het gebed uit te spreken ‘ja’ zeggen. Of met je eigen woorden, dat doet er niet toe. God is de beste verstaander ter wereld.

Hij zal begrijpen wat je bedoelt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here